photo-1557487307-8dc8ec048eb8

Ambtelijk rapport: kwaliteit onderwijs staat onder druk

Publicatie:
07 mei 2020

Het Ministerie van Financiën heeft op 22 april de ‘brede maatschappelijke heroverwegingen’ (BMH) naar de Tweede Kamer gestuurd. Deze zestien rapporten worden ook wel de menukaarten voor komende kabinetsformaties genoemd, ambtenaren bieden een scala aan mogelijke maatregelen voor investeringen, bezuinigingen en hervormingen. Eén van de rapporten gaat over goed onderwijs voor iedereen. In het rapport over basis- en voortgezet onderwijs overtreffen de voorgestelde investeringen (ruim 10 miljard euro) de geïnventariseerde besparingen (4 miljard).

Het rapport geeft aan dat de samenleving om onderwijs van hoge kwaliteit vraagt, dat ervoor zorgt dat alle kinderen voldoende leerkansen krijgen. Dit staat onder druk. De werkgroep vermeldt de dalende prestaties van Nederlandse leerlingen in internationale vergelijkingen, zo stijgt het aandeel leerlingen dat op vijftienjarige leeftijd onvoldoende kan lezen om aan de samenleving deel te nemen. Deze resultaten wijzen er sterk op dat niet alle talenten optimaal benut worden en leerlingen tijdens hun schoolloopbaan tegen drempels blijven aanlopen. De werkgroep meent dat de overheid haar kerntaak op het gebied van onderwijs de afgelopen tijd niet duidelijk heeft ingevuld. De overheid moet steviger sturen op hoofdlijnen. Daarvoor ziet de werkgroep drie belangrijke aangrijpingspunten:

  • Organisaties in het funderend onderwijs moeten duidelijke doelen, taken en rollen hebben. Dit vraagt vooral investeringen in de kwaliteit en opleiding van leraren, schoolleiders en schoolbestuurders, ondersteund door beter gebruik van kennis uit de praktijk en wetenschap, en ook een nog zichtbaarder Inspectie van het Onderwijs. Een gezamenlijke visie op het leraarschap met een focus op doorgroeimogelijkheden en carrièreperspectief ontbreekt. Veel schoolleiders ontbreekt het aan heldere eisen en aan voldoende ondersteuning.
  • Volgens onderzoek loont het als kinderen eerder beginnen met hun schoolcarrière. Verschillen tussen kinderen ontstaan vroeg. Het gezin, de straat, de wijk en de omgeving waarin een kind opgroeit, maken uit voor later succes.
  • Ieder kind heeft tijdens zijn schoolcarrière recht op gelijke leerkansen om talent maximaal te ontplooien. De huidige vroege selectie in het Nederlands onderwijsstelsel moet geen nadelige effecten hebben op gelijke leerkansen.

De werkgroep merkt ook op dat scholen onvoldoende gebruikmaken van kennis van ‘wat werkt’, zowel uit de praktijk als uit de wetenschap. ‘Zij werken weliswaar aan vernieuwing, maar onderzoeken het effect te weinig.’ Ook zijn er verbeteringen mogelijk op gebied van samenwerkingen, tussen scholen en schoolbesturen onderling, maar ook tussen scholen en andere partijen.

Terug naar de lijst

Onze site maakt gebruik van cookies voor een optimale gebruikservaring. Bekijk onze privacyverklaring.

Sluit melding