tim-gouw-bwki71ap-y8-unsplash

Iedereen in onderwijs wil structureel geld

Publicatie:
03 juni 2021

Onderwijswetenschappers, vakbonden, leraren, scholieren en andere betrokkenen bij het onderwijs hebben op 26 mei de Tweede Kamer de boodschap gegeven dat incidenteel NPO-geld geen structurele problemen in het onderwijs kan oplossen. Alle partijen vragen om structurele investeringen om de al langer bestaande, maar door corona verhevigde, problemen structureel op te lossen.

In de aanloop naar het rondetafelgesprek met Kamerleden heeft de PO-Raad een brief aan de vaste Kamercommissie onderwijs gestuurd, waarin wordt gepleit voor verlenging van de bestedingstermijn, het doorzetten van de NPO-investeringen in een gezamenlijke lange-termijnagenda en duidelijke doelstellingen en monitoring. Nu lopen korte- en lange-termijndoelen bij het NPO door elkaar, constateert de PO-Raad. ‘Duidelijk is dat de coronacrisis structurele problemen in het onderwijs pregnanter naar voren heeft gebracht. Problemen die we niet met een smak geld in tweeënhalf jaar tijd duurzaam en in samenhang oplossen.’

Roel Bosker (hoogleraar onderwijswetenschappen aan de Rijksuniversiteit Groningen en directeur GION Onderwijs en Onderzoek) vindt dat het NPO onvoldoende duidelijk maakt of de doelstelling het inlopen van coronavertragingen is of duurzame onderwijsverbetering. Dat kan explicieter, vindt Bosker. Hij vindt ook dat verantwoording en monitoring geen extra regeldruk voor scholen mag opleveren.

Verder heeft de PO-Raad in een brief aan informateur Mariette Hamer vastgesteld dat het primair onderwijs de komende kabinetsperiode 1,8 miljard euro extra nodig heeft: voor een concurrerend salaris voor leraren (900 miljoen), opleidingen en professionalisering (180 miljoen) en gezonde en duurzame onderwijshuisvesting (730 miljoen). Ons onderwijssysteem is niet langer houdbaar, vindt de PO-Raad. ‘Het einde van de coronacrisis moet het begin zijn van een nieuw tijdperk voor het onderwijs. Dat gaat alleen lukken met een grote reset. Het is tijd om structureel te investeren in de kwaliteit van het onderwijs.’

Vanuit het NPO komt voor het mbo en hoger onderwijs in totaal 2,7 miljard euro beschikbaar. Een deel hiervan is voor de halvering van het les-, cursus- en collegegeld, de verlenging van het studentenreisproduct en de compensatie van het toenemend aantal studenten. Het bedrag, waarover bestuursakkoorden zijn gesloten, betreft voor het onderwijs 600 miljoen euro en voor het onderzoek circa 162 miljoen euro.

Daarnaast stelt het kabinet voor de komende twee jaar 5,8 miljard euro beschikbaar voor het primair en voortgezet onderwijs. Scholen maken hiervoor een plan op basis van de onlangs gepubliceerde menukaart met bewezen effectieve manieren om achterstanden in te lopen en de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren. Besturen en lerarenteams kiezen hieruit welke maatregelen het beste passen in de school en bij de uitdagingen die daar spelen.

Terug naar de lijst

Onze site maakt gebruik van cookies voor een optimale gebruikservaring. Bekijk onze privacyverklaring.

Sluit melding